vrijdag 22 maart 2013

Kansen van morgen voor de bouwsector

Hoewel de bouwsector op dit moment in een diepe crises zit, kom ik toch iedere dag steeds lichtpuntjes tegen die laten zien waar de komende jaren kansen gaan komen.  Bijvoorbeeld: bij de renovatie van een stuwcomplex het meteeen mogelijk maken om daar duurzame energie op te wekken. Het nadenk hoe je bij een planstudie voor een wegenprojecten ruimtelijke ontwikkeling en innovatiekansen voor bedrijven in dat gebied kan inzetten, het nadenk over andere vormen van inkoop om het bedrijfsleven uit te dagen tot innovatie, en het belonen hiervan door de inkopende partij. Zo maar even een overzicht op basis van de gesprekken van de afgelopen dagen.

En hoe financieren we dat dan? Daar moeten we goed over nadenken. De overheidsbudgetten worden kleiner, dat is een feit.  Constructies waarbij een extra investering wordt terug verdiend door lagere beheer-, onderhouds- en energiekosten zijn een mogelijkheid.  En hoewel de banken op dit moment risicomijdend zijn, blijkt er toch wel privaat geld beschikbaar te zijn dat op zoek is naar rendabele projecten.  De afgelopen dagen zijn er ook gesprekken geweest om te kijken hoe we die potentiele geldstroom kunnen inzetten voor de bouwsector.

En onderstussen vinden er ook vandaag prachtige projecten plaats. In het blad verkeerskunde staat vandaag een prachtig interview over het innovatieprogramma van Rijkswaterstaat, een mooie coproductie van overheid, markt en kennisinstellingen waarin 80 ontkiemende innovaties een plaats hebben.

zaterdag 9 maart 2013

Over investeren, reflecteren en veranderen.


De afgelopen week heeft voor mij gevoeld als een week van reflectie, een soort van ijkmoment.  Na het bekend worden van de CPB-cijfers hoe de volgende bezuinigingsronde eruit zou zien, maar voor de bouwsector kwam er een investeringspakket tevoorschijn.  Een mooie verassing, en hartstikke nodig voor de bouwsector.  Wel blijft het op deze manier flink puzzelen met de werkenplanning voor de komende jaren.  Af en toe heb ik het gevoel dat bij iedere ronde CPB-cijfers het infrastructuurfonds en de planning daarvan voor de komende jaren op de schop gaat.

Ook op het dossier innovatiegericht inkopen was afgelopen week een ijkmoment. Steeds vaker komt het beeld naar voren dat de overheid meer vaart mag (of moet) maken. Ook vanuit de topsectoren komt dit geluid met enige regelmaat retour.  Toch is het wel even wennen voor een overheid die hard bezig is om uniform te gaan werken, en die ook jarenlang kritiek heeft gehad van het bedrijfsleven dat de inkoop in iedere regio anders was.  Het blijft een mooie balans tussen uniformiteit enerzijds en gecontroleerd ruimte bieden aan nieuwe inkoopvormen zoals innovatiegericht inkopen anderzijds.  Afgelopen week is er nagedacht over voorstellen om meer vaart te maken op dit dossier, maar suggesties blijven uiteraard welkom.

Verder komt nu de kanteling van de organisatie van Rijkswaterstaat per 1 april erg dichtbij. Je ziet ook dat de meeste mensen er wel aan toe zijn na een lange voorbereidingsperiode.  De afspraak voor het laatste afdelingsbijeenkomst met de huidige collega's staat inmiddels. Nog een paar weken.

Het wordt ook echt wel tijd. De afgelopen maanden zijn er een aantal goede, jonge en betrokken collega's vertrokken. Sommige vanwege een nieuwe kans of positieverbetering, maar wat je ook wel wel hoort is dat men wel klaar was met het energieverlies dat de kanteling met zich mee brengt. We zijn deze mensen niet kwijt in de sector. Maar het is wel erg jammer. Met de grote uitstroom van pensionado's over enkele jaren is dit nou juist wat je eigenlijk niet zou moeten willen. Het voornemen van een nieuwe nullijn bij de overheid, maakt de kans wel steeds groter dat zodra de economie aantrekt de uittocht bij de overheid alleen maar groter zal worden.  En wie gaat dan het werken doen, als de babyboomers met pensioen gaan en de jongeren het wel gezien hebben bij de overheid??